De zaak beernem

De zaak van Beernem.
Een op het eerste zicht onbeduidende moordzaak, was voor 't Getrouwe Maldeghem het begin van een drie jaar durende 'kruistocht tegen het onrecht'. Het is onvoorstelbaar hoe Victor De Lille deze zaak heeft ontrafeld en er drie jaar lang, week na week, zijn kolommen mee heeft gevuld. 
Deze moordzaak kende een weerklank tot ver buiten de landsgrenzen en hield voor een tijdje de aandacht vast van de totale Belgische en een deel van de buitenlandse pers. De moordzaak was ook de inzet van een verbeten pennestrijd tussen 't Getrouwe Maldeghem en Brugsch Handelsblad, een strijd om de gunst van het lezerspubliek. Hij eindigde in een voordeel van De Lille die op het einde kon neerkijken op een abonnementenbestand van zo'n 40.000!

De toedracht en de reacties van het publiek.
De verdwijning van boerenzoon Hector De Zutter in november 1926 veroorzaakte nogal wat opschudding in het West-Vlaamse dorpje Beernem maar vond in 't Getrouwe Maldeghem slechts een plaatsje tussen alle andere berichten. Pas nadat het lijk werd teruggevonden in het plaatselijke kanaal en De Lille na de begrafenis de vermoedens van enkele inwoners te horen kreeg, toog hij op onderzoek uit.

't Getrouwe Maldegem 14 nov 1926

Het is het begin van een eerste reeks artikelen waarbij twee beschuldigden, de plaatselijke veldwachter Hoste en zijn vriend, met de vinger worden gewezen. Hier dient opgemerkt dat De Lille over geen enkel wezenlijk bewijs beschikt en slechts afgaat op vermoedens die hij links en rechts opgevangen heeft. De moord zou namelijk door de inwoners van Beernem in verband worden gebracht met een andere moord, waarbij gefluisterd werd dat de plaatselijke kasteelheer de hele zaak in de doofpot wou stoppen. Het parket seponeert de zaak als een zelfmoord en nu pas beginnen in 't Getrouwe Maldeghem de uitbarstingen tegen het gerecht en de plaatselijke adel die De Lille verdenkt van samenwerking.

De pers heeft het recht, ja, den plicht soms tegen het gerecht op te treden
 ... zie artikel 18 van de grondwet: de pers is vrij. Maar ze heeft
als grooten plicht: altijd ter goede trouw te handelen. GM 5 juli 1927 

Zonder de minste rekening te houden met enige ethiek of deontologische voorschriften worden namen van verdachten en 'meewerkende' personen in de krant tentoon gespreid. De andere kranten, die nu ook interesse voor de zaak hebben gekregen en er voorlopig nog een beheerste verslaggeving op nahouden krijgen van De Lille het volgende te horen: 

Nu: klaarheid en waarheid gaan eigenlijk samen. Men heeft reeds dezer dagen
opgemerkt, wij schrijven, Garde Hoste, de andere gazetten, Garde H.
Waarom piepken-duik spelen? Als men alles noemt met naam en voornaam,
zal men temeer ervoor zorgen alles juist en waar uit te drukken. GM 20 februari 1927

Dagbladen als het Brusselse 'La Nation Belge', het socialistische 'Vooruit' en de katholieke 'Le Bien Public' springen nu bij en kunnen vanaf dan rekenen op een regelmatige overname van hun artikelen in 't Getrouwe Maldeghem.
't Getrouwe Maldeghem blijft tekeergaan tegen de plaatselijke kasteelheren, de vermoedelijke daders en het parket van Brugge. Deze reageren met rechten van antwoord waarin zij dreigen de uitgever voor de rechtbank te dagen. De Lille reageert:

Drij volle maanden reeds zijn wij doende met Beernem, 't Getrouwe Maldeghem
gans alleen in de pers: integendeel, andere, zelfs bevriende bladen werden
volgestopt met tegenstrijdigheidjes van belanghebbenden kant, om alles in de
doofpot te steken en herhaaldelijk werden wij bedreigd met processen.
Wij zijn toch in de middeleeuwen niet meer toen de slotvoogd alles te zeggen had. GM 23 februari 1927

Vanzelfsprekend sloeg dit thema, de strijd van de kleine man tegen de adel en gezaghebbers, aan bij de gemiddelde lezer van 't Getrouwe. De Lille besefte goed genoeg dat hij met deze zaak zijn abonnementenaantal de hoogte kon indrijven. De oplage steeg dan ook voortdurend. In april 1927 besluit De Lille een steunfonds te openen voor de moeder van Hector De Zutter en hij roept zijn lezers op elk 1 frank te storten. Het gevolg is een wekelijkse publicatie van ellenlange lijsten. Twee jaar later bedraagt het steunfonds 44.000 frank, een fenomenaal bedrag voor die tijd. Ondertussen had 't Getrouwe Maldeghem met zijn actie zowat de totale bevolking van de streek rond Brugge ingepalmd. Het grootste weekblad van Brugge, 't Brugsch Handelsblad moest dit uiteraard als een concurrent ervaren. Dit blad hield van in de beginne vast aan de thesis van zelfmoord en ontketende in haar kolommen een actie tegen De Lille:

Wij hebben altijd gedacht dat de dwaze schrijvelarij van den uitgever van een Oost-Vlaamsch weekblad,
met het doel een paar dozijn lezers bij te winnen, noodzakelijkerwijze algauw op een dood punt
zou uitgelopen zijn. Een feuilleton kan men zoo lang rekken als men wil. Een gewoon geval echter
zooals men er dagelijks verscheidene in de nieuwsbladen aantreft, kan moeilijker uitgesponnen
worden zonder in gruwelijke verveling te vervallen. Het Oost-Vlaamsch weekblad is nu zichtbaar ten einde
zijn latijn. Het heeft al herhaalde malen zijn geweer van schouder veranderd, zichzelf tegengesproken.
... ook de meest eerloze goed vond om voor zichzelf reklame te maken, reklame bij middel van een lijk
en ten koste van verscheidene eerlijke en geachte familiën van Beernem. BH 19 februari 1927

 

Met dank aan Dirk De Lille
Licentiaatsverhandeling 't Getrouwe Maldeghem
UGent 1980/1981